Zelf een diamond painting ontwerpen: van patroon tot canvas

Eigen foto van een rode bloem naast een gerasterd diamond-paintingpatroon

Je foto ziet er scherp uit, maar in een raster verdwijnen kleine details. Kies daarom eerst het formaat en de maat van je steentjes. Daarna pas zet je de afbeelding om in kleuren en symbolen. Met een klein proefstuk voorkom je dat je een heel canvas laat drukken dat niet past.

Elk vakje wordt één steentje

Een patroon voor diamond painting bestaat uit rijen en kolommen. Elk vakje krijgt een symbool; de legenda koppelt dat symbool aan een kleur. Hoe meer vakjes je hoofdonderwerp krijgt, hoe meer ruimte er is voor lijnen en kleurovergangen.

Snijd een foto daarom eerst bij. Een gezicht dat een kwart van de foto inneemt, krijgt ook ongeveer een kwart van de vakjes over de breedte. Er bestaat geen vast aantal vakjes dat ieder gezicht herkenbaar maakt: de foto, het contrast en de kleurkeuze tellen mee. Beoordeel het verkleinde raster zelf voordat je bestelt.

Hoeveel vakjes passen op jouw canvas?

De tabel rekent met een steentjesvlak van 2,5 mm per vakje, zonder witte canvasrand. Dat is een rekenvoorbeeld, geen universele maat. Controleer de afmetingen van jouw steentjes en blanco canvas.

Aantal vakjes bij een volledig gevuld rechthoekig raster van 2,5 mm
SteentjesvlakKolommenRijenTotaal
20 × 30 cm801209.600
30 × 40 cm12016019.200
40 × 50 cm16020032.000
50 × 70 cm20028056.000
70 × 100 cm280400112.000

Voorbeeld: 40 cm is 400 mm. Je deelt 400 door 2,5 en krijgt 160 kolommen. Voor 50 cm krijg je 200 rijen. Samen zijn dat 160 × 200 = 32.000 vakjes. Hoeveel uren je daarmee bezig bent, hangt onder meer af van kleurwissels en je werktempo; het aantal steentjes is geen betrouwbare tijdsbelofte.

In zeven stappen van afbeelding naar patroon

  1. Maak het onderwerp groot in beeld. Snijd lege randen weg. Kijk ook in zwart-wit of licht en donker het onderwerp voldoende onderscheiden.
  2. Bereken het raster. Deel de breedte en hoogte van het steentjesvlak door de maat van één vakje, zoals in de tabel hierboven.
  3. Stel je afbeelding op dat raster in. Bewaar de verhouding van je afbeelding, zodat een rond gezicht niet langwerpig wordt.
  4. Beperk de kleuren en vergelijk de uitkomst. Beeldsoftware kan een afbeelding terugbrengen tot een gekozen palet. Probeer verschillende aantallen; meer kleuren helpen alleen als ze zichtbaar verschil maken.
  5. Koppel kleuren aan je materialen. Controleer DMC-kleuren met echte steentjes of een passende fysieke referentie. Een scherm of printer is geen betrouwbare vervanging voor het materiaal zelf.
  6. Maak de legenda. Noteer per symbool het kleurnummer en aantal steentjes. Kies symbolen die je goed uit elkaar houdt, ook onder je werklamp.
  7. Maak een proefstuk. Test een deel met belangrijke details, bijvoorbeeld een oog of een kleurovergang. Controleer de maat én of je het onderwerp nog herkent.

Print eerst twintig vakjes, niet het hele patroon

Een printer kan je patroon verkleinen om het binnen de papiermarges te krijgen. Kies bij een pdf die al op maat is gemaakt Werkelijke grootte of 100%. Adobe beschrijft het verschil tussen op ware grootte printen en passend maken.

20 vakjes × 2,5 mm = 50 mm. Meet dit op je proefprint met een liniaal. De illustratie op je scherm is niet op ware grootte.

Meet van de buitenrand van het eerste vakje tot de buitenrand van het twintigste. Is de proefstrook 48 mm, dan is je patroon verkleind. Los dat op voordat je verder print. Een grotere legenda mag wel, zolang je die apart houdt van het raster waarop de steentjes komen.

Een groot patroon kun je over meerdere vellen verdelen met de posterfunctie van Acrobat. Controleer de tegelschaal en maak ook dan eerst een proefprint.

Drie fouten die je vóór de volledige print kunt voorkomen

  • Een vervormd onderwerp: bewaar de oorspronkelijke verhouding bij het instellen van het raster.
  • Een te klein raster: meet de twintig vakjes op de proefprint; bij 2,5 mm per vakje moeten ze samen 50 mm zijn.
  • Onverwachte kleuren: vergelijk de gekozen kleuren met echte steentjes en leg een proefstuk; een schermweergave alleen is onvoldoende.

Een papieren patroon is nog geen plakbaar canvas

Je hebt een geschikte ondergrond met lijmlaag nodig, steentjes die bij het raster passen en genoeg materiaal per kleur. Controleer vóór aanschaf of een blanco canvas al een raster heeft en of jouw ontwerp daarbij past. Gewoon printerpapier vervangen door een canvas lost dat niet vanzelf op.

  • Bestel steentjes op basis van het aantal vakjes per kleur, met een reserve voor verlies of beschadiging. Reken niet blind van grammen naar aantallen: formaat en materiaal verschillen.
  • Bewaar je legenda en de gegevens van de gebruikte steentjes, zodat nabestellen mogelijk blijft.
  • Leg pen, wax, bakjes en pincet klaar. De uitleg over hoe diamond painting werkt helpt als het leggen zelf nog nieuw is.

Zelf ontwerpen loont als je het uitzoeken leuk vindt

Zelf kiezen welke lijnen en kleuren overblijven geeft je controle. Maar het kost ook werk: een prachtig patroon op het scherm kan met echte steentjes tegenvallen. Daarom vinden we het proefstuk belangrijker dan een zo groot mogelijk kleurenpalet.

KeuzeZelf doenLaten maken
Patroon en legendaZelf instellen en controlerenOnderdeel van de omzetting
Past bij jou als…Je graag tekent, test en kleuren vergelijktJe vooral je eigen afbeelding wilt leggen

Wil je het ontwerpen uit handen geven, bekijk dan diamond painting van je eigen foto. De gids foto omzetten naar diamond painting legt uit welke keuzes je bij de omzetting maakt. Vind je het juist belangrijk dat de foto zonder steentjesraster zichtbaar blijft, dan is een fotopuzzel van je eigen foto een andere mogelijkheid.

Begin met één detail uit je afbeelding. Pas als het proefstuk op maat is en de kleuren werken, is het tijd voor het hele canvas.

Sander Goedhart

Geschreven door

Sander Goedhart · Oprichter & diamond painting-expert

Sander plakt al jaren diamond paintings en heeft er honderden afgerond. Op deze site deelt hij praktische gidsen en eerlijke tips, gebaseerd op eigen ervaring aan de werktafel.